Kan ik je een pootje helpen?, powered by LiveChat
  • Pawsome, laagste prijs, betere service*
  • Vandaag Besteld, Morgen Geleverd*
  • Verzending tijdelijk GRATIS vanaf €40*
  • Makkelijk Retourneren*
  • Klantenservice tot jouw dienst van 09.00 tot 18.30 uur.
Home » Honden » Voeding

VOEDING

De Verschillende Levensfases van je Hond en de Bijpassende Voeding

Een peuter vraagt om andere voeding dan een bejaarde. Bij honden is het precies zo. Door het voedsel af te stemmen op de levensfase van je hond, hou je hem gezond.

Welke levensfases kent een hond?

Een hond kent vier levensfases:

  • Puppyfase: tot 6 maanden, bestaat uit neonatale fase en 1e en 2e socialisatiefase.
  • Junior of Puber: van 6 maanden tot 2 jaar.
  • Volwassenperiode: van 2 jaar tot minimaal 8 jaar.
  • Seniorenperiode: wisselend (afhankelijk van de grootte), maar kan vanaf 8 jaar.

 

Waarom vraagt een andere levensfase om andere voeding?

Binnen iedere levensfase heeft een hond behoefte aan andere verhoudingen van de voedingsmiddelen. Dit komt door veranderend energieverbruik, door groei van het lichaam of door een afname van kracht en activiteit.

Net als bij een mens kenmerkt iedere levensfase zich door andere gebeurtenissen. Zo is een puppy zich volop aan het ontwikkelen, zowel fysiek als mentaal. Een volwassen hond heeft goed ontwikkelde en getrainde spieren die om voeding vragen die zijn lichaam versterkt. Terwijl oudere honden meer kans hebben op een ziekte of blessure en bijvoorbeeld minder goed werkende organen hebben (nieren, lever etc.) wegens ouderdom.

Door de voeding van je hond af te stemmen op de levensfase van je hond, zorg je dat hij de juiste voedingsstoffen binnenkrijgt in de juiste hoeveelheden. Daarmee stimuleer je zijn ontwikkeling en blijft hij langer gezond.

Voeding in de puppy -en Juniorfase

In de puppyfase staat het leven van je hond in het teken van groeien. Een pup heeft daarom behoefte aan veel energie, fosfor, calcium en eiwitten. Pups hebben vlak na hun geboorte twee keer zoveel energie nodig als volwassen honden. Dit betekent niet dat ze ook twee keer zoveel eten. Puppyvoeding is zo samengesteld dat er aan de energiebehoefte van jonge hondjes wordt voldaan en het is daarom meer geconcentreerd. Om te bepalen hoeveel voeding je je pup geeft, volg je de advieshoeveelheid op de verpakking. Te veel voeding kan je pup diarree geven. Dit is een natuurlijke reactie om de overschot aan voeding af te stoten. 

De vertering van pups werkt het best als de porties kleiner zijn. Voer ze daarom tot drie maanden vier keer per dag en vervolgens drie keer per dag.

Voeding in de volwassenfase

Tijdens en na de pubertijd en in de volwassenfase wordt het verschil in grootte, gewicht en energieverbruik tussen honden groter. Dit heeft vooral invloed op hun hoeveelheid dagelijkse voeding. Voorkom over- en ondergewicht door de advieshoeveelheid op de verpakking van de hondenvoeding te volgen. Bij vragen of onduidelijkheden kun je je wenden tot een van de AVEVE-medewerkers in de winkel. Ze helpen je graag verder.

Hondenrassen zijn heel verschillend van elkaar, ook in hun voedingsbehoeften. Kies voor een voeding die is afgestemd op een klein, middelgroot of groot ras.

Castratie vindt meestal plaats in de pubertijd of in de volwassenfase van een hond. Hou er na een castratie rekening mee dat de energiebehoefte tot wel 30% kan verminderen en stem hier de dagelijkse hoeveelheid voeding op af. hiervoor hebben we Sterilised Voer 
Een volwassen hond geef je twee keer per dag eten.

Voeding voor senioren

Een oudere hond heeft een tragere stofwisseling, brozere botten, vaak gewrichtsproblemen en een verhoogd risico op allerlei ziektes. Bovendien bewegen senioren vaak aanzienlijk minder dan hun jongere soortgenoten.

Om je oude hond extra te ondersteunen en te beschermen, is het belangrijk dat je hem senior hondenvoeding geeft. Daarin is rekening gehouden met zijn verlaagde energieverbruik, calciumbehoeften en er zitten extra omega-3 vetzuren in om zijn immuunsysteem te onderhouden.

Oudere honden hebben ook vaak te maken met een zwakker gebit. Met een goede tandverzorging, droogvoer en kauwsnacks, hou je het gebit zo lang mogelijk goed. Heeft jouw seniorenhond problemen met zijn tanden? Overleg dan met je dierenarts en overweeg zachtere voeding en snacks.

Voor andere ziektes waar een oudere hond mee te maken kan krijgen, zoals nieraandoeningen, zijn speciale dieetvoedingen beschikbaar. Overleg wel eerst met de dierenarts voordat je overstapt.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen